zondag 29 juni 2014

Poëtisch verslag of verslagen poëzie

Poëtische tuinen
tuinen vol gedragen poëzie
voorgedragen, uitgedragen

Als voorbereiding de zenuwachtigheid, de nerveuze stress
als finale apotheose een gezellig samenzijn van zielsverwanten,
als het niet te makkelijk is dit mooie woord gruwelijk te misbruiken

Met dank aan Shari en Marieke die voordragen en proclameren tot een kunst verheffen,
met dank aan Bartje die zijn aangeboren stress transformeerde
in een haast onhoorbare spreekstem
het was mijn eerste keer,
ik wijt het daaraan,
mijn intrinsieke zachtheid en polderachtige navelstaarderij

Graag zou ik hun talent bottelen 
en verstuiven als een flesje parfum
in navolging van Jean-Baptiste Grenouille
maar legale bezwaren verhinderen mij
iets anders te doen dan te bewonderen vanop afstand 




 

"Drink ik dan bederf ik
Drink ik niet dan sterf ik
Beter gedronken en bedorven 
Dan niet gedronken en gestorven"
N.N.

Het scheppingsverhaal van Shari een ware hit,
ik probeer het ook te pakken te krijgen
om u eens te vergasten op haast perfecte woorden in een broeierig religieuze context
ik probeer ook Marieke te polsen
naar haar mogelijkheden om even aromatisch te verblijven op mijn pagina's
om u gelukkig te maken met  hartstochtelijke poëzie
die u wellustig om de oren slaat
of bejubelde waarheden in een onverwachte context en woordspoeling
ik bied u als het ware een lavement van ondoorgrondelijke woordkunst


















zaterdag 28 juni 2014

Slapeloos als een popprinses op acid


Zenuwachtige bedrijvigheid
in een verduisterde kamer
met een rode stoel
de zwarte kat drentelt voorbij, en strijkt even langs mijn benen,
en kijkt beduusd bij zoveel nerveuze activiteit

Voor alles is er een eerste keer,
voor een samenkomst in een  tuin met opgelaten poëten
wordt mijn realiteit doorprikt
als een rode ballon die de zwaartekracht trotseert
wordt mijn droom niets meer dan werkelijkheid
wankele stappen in een getraumatiseerd leven
babystapjes naar ontwikkeling

De pijl van assen wijst naar het plafond
geklemd tussen wijsvingers die langzaam typen
in een concerto van productiviteit

 

De eerste keer voor een publiek,
ik herlees mijn tekst,
ik schrijf iets nieuw,
is dit niet zoveel beter, 
laat ik het hopen,
ratel ik door zoals bij vriendinnen/poëten
die amper kunnen volgen in een onafgewerkte woordenstroom

Laat ik het aan hen over,
mijn ervarener kompanen,
die ik bewonderenswaardig zal gadeslaan
en met de ogen stelen


Is enkel boegeroep mijn deel of een loden stilte,
die me met slepende tred zal doen afdruipen naar de uithoeken van de tuin

Slapeloos als een slapeloze insomniac
 trek ik aan een immer brandende sigaret,
mijn ogen branden,
het licht is onvriendelijk
de vogels zwijgen nog
tenzij in mijn verbeelding

“The last refuge of the insomniac is a sense of superiority to the sleeping world.”
― Leonard Cohen






THANX

Bedankt, u was met velen
u maakte mijn dag, mijn week en mijn maand
bedankt voor elke kleine klik op mijn blog
bedankt voor elk klein bezoek
dankzij u verbrak ik mijn topmaand qua statistiek

Ongetwijfeld blijf ik schrijven
probeer ik aan uw wensen te voldoen
misschien laat ik u lachen, misschien bent u snel ontroerd
om welke reden dan ook dat u mij bezoekt
misschien bent u familie, vriend of vijand, kennis of vreemdeling

Voor u allen schrijf ik
zonder ophouden
gratis en zonder kosten
voor mijn ego, voor uw vermaak

Ik dank u uit de grond van mijn hart voor zoveel 
aaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaandacht.

zoals Brusselmans ooit zo prachtig zei.



vrijdag 27 juni 2014

De smeulende woorden van mijn majestueuze brandhaard





De rokerige brandhaard van smeulende woorden 
zindert na in mijn branderig hoofd,
een kleine, zwarte roetrand heeft zich majestueus gevormd
rond mijn pocherig baksel van lettergrepen en verzen

Ik schraap de woorden weg,
die zich verhouden als een klemmende tang tot een overmoedig varken
tot een appeltaart overblijft
die mijn emotionele zus merkwaardig genoeg zou appreciëren

Ik schraap, ik schrap
ik herlees, ik redigeer, ik herwerk,
versie tot versie,
broddelwerk naar meesterwerk,
al hebt u, beste lezer pech,
want u zit nog in de besluiteloze fase

Er blijven alleen overmoedige woorden over in een gesloten context,
die alleen ik ken,
waartoe ik me beken,
en waarin u zich hopelijkerwijs herkent
en me erkent,
tot wat ik ben, en wat ik wil worden,
een krampachtige woordenbroddelaar.

Mijn hart, mijn geest zegt me andere zaken,
dwingt me tot eenzame gematigdheid,
de nederigheid van een beginneling,
die zijn schrijfmeester wil behagen.

@ ®Bart Daems





donderdag 26 juni 2014

De lange zomerwandeling

Het zomert in mijn stappen
ik slenter langs de huizen en kijk rond naar de zomerse bedrijvigheid
een man op een terras 
die uitgestrekt over twee stoelen met ontbloot bovenlijf de sportkrant leest
en me even keurt
de werkman die stenen slijpt
en me veroordeelt zonder woorden voor mijn trage wandeling
het buurmeisje in de rolwagen met het prachtige haar
dat me vrolijk toeroept :"Prachtig weer"
De kleine witte hond maltezert drentelend achter haar aan
en kijkt verongelijkt
kleine pootjes, al zijn het er vier,
kunnen niet op tegen de wonderen der mechaniek
de blondine die in strakke witte kledij
mijn gezichtsveld teistert met besliste stap
Het verschil tussen ons is beslist dat zij ergens moet zijn,
en ik vandaag niet
ze versnelt haar pas en zucht,
een hoorbare bries van getuite lucht ontsnapt


zij draait de hoek om en verdwijnt,
ik zucht ook, wat opgelaten
graag had ik haar nog even gezien, de strakke blondine
2 mannen op terras van een te hippe kroeg,
met te modieuze brillen,
ik schiet haast in een lach,
"De invasie van de hipsters"
schiet door me heen,
ik moet het beeld bewaren en kijk hen lachend aan,
maar hipsters zijn niet voor rede vatbaar en kijken me
minachtend
aan.

De langzame pas op het grijze asfalt,
ik maak de bedenking dat de lucht zingt,
van zomervreugde en puur geluk,
ik draai mijn straat in, en zie mijn zwarte poes,
die me jankend ontvangt en begeleid naar mijn vertrouwd biotoop,
een rode stoel in een koele verduisterde kamer.
Ik roep wat beelden op,
zonder inspiratie. 
De zomer, geen tijd voor poëtische ontboezemingen,
tenzij van voorbijgaande aard.


Het woord ontsnapt me wederom,
ik kan het maar niet vatten, hoezeer ik ook probeer,
laat me even verdwalen in mijn creatie,
uitwaaien in een tuin van beelden en gevoelens,
ik luister naar de wind in de rododendrons,
maar hoor geen muziek.

Sterrenlicht of het ongeduld van de cursor

Ik baad even in je zonlicht,
ik nestel me in je zachte pels,
verdrink zienderogen in je prachtige ogen,
en luister gefascineerd naar je prachtige lach.
Valt er wel met jou te praten,
is mijn ziel niet te verdoofd,
met jou converseren een pracht van een gedachte,
ik bereid me voor en schrijf een grap.
Alles zou ik doen voor je stralende lach,
als een koude maan die een planeet omzwerft
die zich koestert in je sterrenlicht.
Enthousiast kluister ik me vast,
als ik jou kon plezieren, onderwerp ik aan de Markies De Sade,
enkel maar om je blik te zien
als de ganzenveer mijn tenen kietelt.
Prachtige zomerbloem,
sterrenstof,
verwonderlijke poort naar de heerlijkheid,
ik droom van succes,
 om me te vormen in je ziel,
zonder tegenspraak
laat ik me bepraten,
waarschijnlijk ben je ook maar een mens,
maar in mijn ogen een godin,
van vele markten thuis,
opgeleid in het plagen van de mannelijke geest.
Ik zag je die eerste keer, 
en was verloren,
anderen waren er niet meer,
ik zag alleen stralende ogen.
Exemplarisch, formularisch
ik schrijf als in een trance
want als je niet voor mij bent bestemd,
ga ik nooit door je blonde haar,
dan verhoog ik alleszins mijn spraakwaterval tot Niagariaanse hoogtes.


Je behoort tot geen enkel,
maar zeker niet tot mij,
ik kan je enkel vervreemden door dit gedicht,
maar waar het hart van vol is,
tenminste toch van een beperkte dichter,
daar loopt de cursor van over,
knipperend, ongeduldig, 
tot ik weer iets typ.





De achteloze statistiek



De zachte uithuizigheid
de beperkte houdbaarheid van mijn denken
het overbodige triomfalisme
de zelfspot

De spot drijft mezelf tot hoogtes en laagtes
ik verbeeld me niets
en zinspeel .

De lof der zotheid
achteloos verdring ik mijn gedachten met een glas wijn
druivelaar van de toekomst, serre zonder glas


Banaal banaliseer ik de banaliteit
van mijn leven, van mijn zijn
eigenlijk ben ik overbodig
maar vooral onmisbaar voor mezelf
hulplijn voor anderen, gesel van mijn gestel
zal ik mezelf overleven
of vooral overleveren aan de geschiedenis van mijn statistiek


Zonder jou kan ik niet leven,
de applausmeter broodnodig
zonder ritmisch handgeklap presteer ik niets
kom ik tot niets
jij bent mijn brood en spelen
mijn panem et circences
of mijn ordem e progresso
zonder jou kan ik niet leven
onverschilligheid doet me beven
maar als ik al begin te dichten
laat het rijm me toe te vervlechten
en te transformeren in een minderwaardig insect

De liefde is me zo dier,
voor u, voor mij, voor ons

Dank om mij te lezen,
zonder u kan ik niet meer door

Binnenkort ga ik terug naar school,
de literaire school,
om beter te leren schrijven
en automatisch beter te zijn,
wat kunnen ze me leren, wat kunnen ze voor me doen,
tenzij het afbouwen van mijn koppigheid
in elke mogelijke betekenis



Een instinker van jewelste, afbouwen toch,
zoek het maar eens op,
als u daar de tijd voor vindt,
want ik kan amper geloven dat u met zovelen bent
die mijn schrijfsels soms hanteert.

Al doen sommigen het voor de foto's,
ik denk dan aan middelbare leraren,
sommigen voor de muziek,
ik doe het maar voor één,
voor mezelf, en voor u,
want soms voel ik mij één met u.