zondag 30 december 2012

30 december

Korte slaap samengebald in kortzichtigheden
verdwaasde dromen als geijkte boeien
de geeuw als herinnering aan slaperiger tijden

’s Nachts kijk ik jaloers naar mijn kater
die mijn bureaustoel parmantig bezet
de onverbiddelijke slaap der onschuldigen
ik wil hem niet verstoren, ook hij droomt kronkelend
en potentrekkend alsof hij Jerry in persoon achternazit,
de duivelse muis die Tom/Igor steeds ontglipt

Wakker ben ik, in een tussenland van dromen
en werkelijkheid, de nacht vervloekend in de
ongenadige morgen, levend in de tussenwereld,
genadeloos voor vallende oogleden

Dromen vertroebelen mijn werkelijkheid,
tot de mist van de verdwazing geleidelijk
optrekt, al zou ik soms wat langer willen
verblijven als superheld in het Land van Nod
 


















 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten